Truck icon Vóór 22.00u besteld, morgen in huis*

Tips om een kapotte waterpomp te voorkomen

Tips om een kapotte waterpomp te voorkomen
Categorieën: q-a

Of u nu een waterpomp gebruikt voor huishoudelijke doeleinden, tuinberegening of industriële toepassingen, het voorkomen van een kapotte waterpomp scheelt een hoop stress en kosten. Daarom bespreken we in dit artikel mogelijke oorzaken waaraan een waterpomp kapot kan gaan en wat u kunt doen om dit te voorkomen. Door mogelijke problemen vroegtijdig te herkennen en aan te pakken, blijft u lang profijt houden van een goed functionerende waterpomp.

Oververhitting

De motor van een waterpomp wordt gekoeld door vers water dat door het pomphuis stroomt. Als dat niet meer gebeurt, omdat er bijvoorbeeld geen water meer in de bron aanwezig is, dan kan de pomp oververhit raken. Oververhitting kan ook optreden wanneer er een te nauwe slang/leiding wordt gebruikt, waardoor de pomp het water niet makkelijk af kan voeren. De pomp krijgt dan teveel tegendruk. Verder zal het een pomp ook veel kracht kosten om het water omhoog, tegen de zwaartekracht in, te vervoeren. En bij bronpompen is het zo, dat als deze in een (te) smal boorgat worden geplaatst, het water rondom de pomp ook warmer wordt.

Oplossing

  • Schakel de pomp altijd uit wanneer er mogelijke oververhitting kan optreden.

  • Zelfaanzuigende pomp: Koppel een pompbesturing, zoals een droogloopbeveiliging, aan de pomp. Hierdoor krijgt de pomp een seintje als het water opraakt en schakelt zichzelf automatisch uit.

  • Dompelpomp: kies een dompelpomp met vlotter. De vlotter drijft op het water, waardoor deze het waterlevel meet. De pomp schakelt in als de vlotter omhoog gaat en een bepaald punt heeft bereikt, en schakelt uit wanneer het waterpeil weer op het gewenste niveau is.

  • Gebruik een afvoerslang/leiding die minimaal even groot, het liefst groter is, dan de uitlaat van de pomp. Bij zelfaanzuigende pompen (beregeningspompen en hydrofoorpompen) wordt er doorgaans een slang gebruikt met een diameter van minimaal 19 mm (afhankelijk van welke pomp u kiest; hoe meer toepassingen er water aangevoerd dienen te krijgen, des te groter de benodigde diameter van de slang). Bij dompelpompen is in veel situaties een afvoerslang/leiding nodig die een diameter heeft van minimaal 25 mm. Dit is ook weer afhankelijk van uw pompkeuze. Grotere installaties vereisen vaak een afvoerslang met een grotere diameter.

  • Zorg ervoor dat u een pomp kiest die voldoende capaciteit en opvoerhoogte heeft om het water in uw situatie te transporteren.

  • Kies de juiste afmetingen van een pomp.

Onjuiste berekening leidingverlies

Wanneer water door slangen/leidingen wordt afgevoerd treedt er altijd een drukverlies op. Drukval treedt op door de lengte van de slang/leiding, de diameter, de wandruwheid, bochten, vernauwingen, verwijdingen, kleppen, enz. Mensen die voor de goedkoopste optie kiezen en geen rekening houden met deze aspecten, zullen binnen een korte tijd te maken hebben met een pomp die niet meer werkt.

Oplossing

  • Kies een pomp die over voldoende capaciteit en opvoerhoogte beschikt die vereist is voor uw situatie.

  • Gebruik onze online keuzehulp (bovenaan deze pagina, groene knop) om te achterhalen welke pomp de beste optie voor uw situatie is.

  • Bij twijfel vraag advies aan onze medewerkers van de klantenservice. Zij helpen u graag mee.

Lucht in een zelfaanzuigende pomp

Lucht veroorzaakt trillingen en dit is funest voor een waterpomp. Als luchtbellen met een hoge snelheid tegen de waaiers van de pomp aanklappen, dan veroorzaakt dit schade en werkt de pomp niet meer (goed). Dit kunt u o.a. merken aan een schommelende waterdruk. Lucht kan op verschillende manieren ontstaan. De meest voorkomende situaties zijn:

  1. De aanzuigslang of het pomphuis is niet geheel gevuld met water.

  2. Er zit geen terugslagklep op de aanzuigslang, waardoor het water terugstroomt.

  3. Er zit een lekkage.

  4. Er dringt lucht binnen via de pompaansluitingen.

  5. Cavitatie treedt op. Cavitatie wil zeggen dat er een onderdruk ontstaat in de aanzuiging, en door dit natuurkundige proces wordt het kookpunt van water drastisch verlaagd. Hierdoor ontstaan lucht(kook)bellen. Deze dampbellen imploderen (ploffen in elkaar) bij de omschakeling van zuigende druk naar persende druk, waardoor de waaiers van de pomp beschadigen. Onderdruk komt voor wanneer het de pomp teveel moeite kost om het water aan te zuigen. Bijvoorbeeld wanneer de aanzuigdiepte te groot is, of wanneer de voorfilter of aanzuigslang is verstopt.

Oplossingen

  • In het geval uw pomp geen water levert, een te lage waterdruk genereert, of een tikkend geluid maakt, schakel deze dan direct uit.

  • Indien niet aanwezig, plaats een terugslagklep aan het uiteinde van de aanzuigslang.

  • Vul de aanzuigslang en het pomphuis geheel met water. Houd de slang na het vullen nog even omhoog, zodat eventuele achtergebleven luchtbellen worden verwijderd en vul de slang dan bij. Het pomphuis dient tot de rand gevuld te worden met water.

  • Verhelp lekkages.

  • Wikkel om alle pompaansluitingen teflon tape, om het lucht- en waterdicht te maken.

  • Plaats de pomp zo dicht mogelijk bij de bron. Maak eventueel een plateautje om de pomp dichter bij de bron te kunnen plaatsen. Of gebruik een pomp die u in het water plaatst, zoals een bronpomp, of dompelpomp (afhankelijk van uw situatie). Dit laatste is sowieso nodig wanneer het water dieper dan 8 meter ligt.

Soort water

Het komt regelmatig voor dat een pomp gebruikt wordt om vuil water te verpompen, terwijl deze hier niet tegen bestand is. Zelfaanzuigende- en bronpompen kunnen alleen relatief schoon water verpompen. Water met vaste substantie, zoals modder of steentjes, kunnen de pomp beschadigen. Vuilwater dompelpompen daarentegen zijn wel geschikt om vuil water af te voeren.

Oplossing

  • Bij gebruik van slootwater met een zelfaanzuigende pomp is het aan te raden om een voorfilter op de pomp te plaatsen.

  • Bedenk bij de aanschaf van een dompelpomp van tevoren of het te verpompen water helder is, of een dikke substantie of fecaliën bevat. Kies ook de juiste doorlaatgrootte, deze vindt u bij de productinformatie.

  • Bij het afvoeren van toiletwater met een broyeur; voorkom verstoppingen en gooi geen andere materialen dan wc-papier in het toilet.

Bevriezing

IJs in een pomp is zeer beschadigend. IJs zet namelijk uit, waardoor het meer ruimte in beslag neemt. Hierdoor kunnen scheuren in de pomp ontstaan, waarna deze niet meer werkt.

Oplossing

  • Verwijder, voordat er vorst optreedt, al het water in de pomp en de slangen/leidingen. En berg op waterpomp veilig op, bijvoorbeeld in een tuinhuis.

  • Zorg dat alle onderdelen vorstvrij staan. Gebruik eventueel isolatiemateriaal om de pomp en toebehoren te beschermen tegen de kou.

Waterslag

Waterslag ontstaat wanneer het water plotseling stopt of van richting veranderd wordt, bijvoorbeeld wanneer er een klep sluit. Door deze verandering wordt er een drukgolf gecreëerd die zich uitzet tegen de zijkant van de leiding en/of omliggende obstakels. Dit klinkt als een hamer die tegen een pijp slaat. Op den duur kunnen door de klap leidingen gaan scheuren, en/of scheuren in het pomphuis ontstaan.

Oplossing

  • Plaats een waterslagdemper tussen de waterleiding. Het water wordt dan tegengehouden door de aanwezige veer in deze installatie.

  • Gebruik het juiste formaat afvoerleiding, zodat het water hier makkelijker in kan bewegen. Hierdoor wordt de kans op waterslag verlaagd.

  • Draai de kraan langzaam open en dicht, zodat de watertoevoer rustiger verloopt.

  • U zou een pomp met een drukvat kunnen kiezen, zoals de DAB Aquajet. In een drukvat wordt water opgeslagen. Wanneer de pomp water moet leveren, dan zal hij dat eerst uit het drukvat halen. Hierdoor hoeft de pomp zelf nog niet in te schakelen en blijft het drukverschil constant. De meeste hydrofoorpompen in ons assortiment hebben een druktank van ongeveer 20 liter. Bij kleine waterafnames, zoals het doorspoelen van de wc, hoeft de pomp zelfs helemaal niet in te schakelen. Pas als het water in het expansievat opraakt, schakelt de pomp in en haalt het water rechtstreeks uit de bron. De pomp schakelt uit wanneer het vat weer is aangevuld en de druk in het systeem is hersteld.

  • Gebruik een frequentieregelaar. Een frequentieregelaar is een systeem die ervoor zorgt dat de pomp niet direct op volle toeren draait, wanneer er maar één kraan opengaat. Dit is namelijk helemaal niet nodig. Staan er meerdere kranen tegelijkertijd open, dan regelt de frequentieregelaar dat de pomp op meer toeren zal gaan draaien om alles op de juiste druk te kunnen houden. Tevens worden de toeren rustig op- en afgebouwd bij het in- en uitschakelen van de pomp, waardoor waterslag wordt voorkomen. Dit systeem is ook zeer energiezuinig en bevordert een langere levensduur van een waterpomp.

Continu aan staan

Sommige waterpompen zijn speciaal ontworpen om continu ingeschakeld te staan. De goedkopere varianten zijn geschikt om korte periodes (tot 3 uur aaneengesloten) water te verpompen. Dat is prima voor tuinberegening, maar deze zijn minder geschikt voor watervoorzieningen in huis. Het is dus slim om hiermee rekening te houden bij uw pompkeuze.

Oplossing

  • Heeft u een waterpomp nodig die langdurig aaneengesloten ingeschakeld kan blijven staan? Dan is een pomp van het merk DAB een uitstekende keuze. Deze pompen zijn van professionele kwaliteit en gaan langdurig mee.

Advies nodig?

Heeft u nog vragen of wilt u hulp bij het kiezen van de beste waterpomp die past bij uw situatie? Ons team staat graag voor u klaar. Neem contact op met onze klantenservice, of gebruik onze online keuzehulp. Wanneer u hier de specificaties van uw situatie invult, berekent de keuzehulp welke pompen daar het meest geschikt voor zijn.

Hét hulpmiddel aangeraden door onze waterpomp experts!

Waterpomp nodig? Vind uw pomp met de keuzehulp.

Hét hulpmiddel aangeraden door onze waterpomp experts!

Naar de keuzehulp